Fokkerij
Het Friese paard
Nadat we op de Stoeterij enige tijd Arabo – Friezen kweekten, keren we zo stilaan terug naar de zuivere Fries.
Het Friese paard is in essentie een 'oud' paardenras, voor het eerst beschreven door auteurs in de middeleeuwen, toen de Friezen werden ingezet als ridderpaarden.
Op zijn hoogtepunt, in de zeventiende eeuw, werd het Friese paard ingezet als strijdros, dressuurpaard, koetspaard en harddraver. Het Friese paard was zeer populair bij veldheren van hoge adel en rijscholen aan Europese hoven, waar de hogeschool van de dressuur werd bedreven.
Door de opkomst van infanterie en vuurwapens werd de rol van de cavalerie kleiner en moest voor het veelzijdige Friese paard een nieuw gebruiksdoel worden gevonden. Dat doel werd gevonden in het gebruik als harddraver en koetspaard, en het lichtere werk in de landbouw.
In 1913 was de populatie Friese paarden naar een historisch dieptepunt gezakt met nog slechts drie levende ‘raszuivere’ Friese dekhengsten. Om uitsterven te voorkomen moest er iets gebeuren. Het stamboek van het Friese paard besloot zich te richten op het fokken van lichte en middelzware landbouwpaarden, zonder het kruisen met andere paardenrassen toe te staan. Om beter aan de eisen van de landbouw te kunnen voldoen, werd het Friese paard zwaarder en compacter gefokt, maar met behoud van de zwarte kleur, het weelderige behang en het fijne karakter.
Helaas vormden de vernieuwingen in de landbouw al relatief snel een nieuwe bedreiging voor het voortbestaan van de Fries. Het stamboek gooide opnieuw het roer om, en pleitte ervoor om het Friese paard niet langer als landbouwpaard, maar weer als luxepaard te fokken. De Fries moest opnieuw een paard worden dat geschikt was voor sport en recreatie, voor de wagen en onder het zadel. Dit keer voor een breder publiek dan de adel en burgerij van eeuwen daarvoor.
Het stamboek kreeg gelukkig hulp van een aantal onvoorziene evoluties : vierspanrijden werd een nieuwe en populaire tak van paardensport werd, waarin Friese vierspannen internationaal de aandacht trokken. Bovendien schitterden Friese paarden ook in veel Hollywoodfilms, zoals De Mask of Zorro en in de populaire series The Hunger Games en Game of Thrones.
Geleidelijk herwon het Friese paard zijn elegantie van weleer en werd het hoogbeniger met een minder zware en compacte bouw.
Tegenwoordig kan het Friese paard zich tot op het hoogste niveau van de dressuursport meten met andere rassen en wordt het ingezet in de mensport. Vanwege de imposante uitstraling en intelligente en gemakkelijke karakter is het ook als showpaard en filmster zeer gewild.
Op vandaag telt het stamboek opnieuw ruim 10.000 leden in meer dan 80 landen.
Kenmerken van Friese Paarden
Friese paarden kunnen worden herkend aan hun krachtige lichaamsbouw en majestueuze uitstraling. Ze hebben een edel hoofd met expressieve ogen, een elegante hals en een krachtige, gespierde achterhand. De meest opvallende eigenschap is hun lange, weelderige manen en staart. In de meeste gevallen hebben de paarden een zwarte vacht. De Friese paarden staan bekend om hun trotse houding en soepele, hoog opgeheven gang.
Gebruik van Friese Paarden
Van oudsher werden ze ingezet voor werk op het land, maar tegenwoordig excelleren ze in de dressuur. Hun wendbaarheid en gracieuze bewegingen maken ze perfecte partners voor deze discipline. Daarnaast worden ze ook gebruikt voor recreatief rijden en zijn ze populair in parades vanwege hun indrukwekkende verschijning.
Karakter van Friese paarden
Friese paarden worden gewaardeerd om hun vriendelijke en meewerkende aard. Ze zijn over het algemeen werkwillig en bereid om samen te werken, wat hen geschikt maakt voor verschillende disciplines Door hun intelligentie en trainbaarheid zijn Friese paarden over het algemeen gehoorzaam aan de aanwijzingen van hun ruiter. Dit maakt ze geschikt voor training in verschillende disciplines, inclusief gehoorzaamheidsoefeningen in de dressuur.
Ze staan ook bekend om hun rustige temperament. Ze blijven vaak kalm, zelfs in uitdagende situaties, waardoor ze betrouwbare metgezellen zijn.
De Belgische warmbloed
Op de Stoeterij fokken we sinds enkele jaren ook (springgerichte) Belgische warmbloeden.
Het Belgisch warmbloedpaard is uniek in Europa. In tegenstelling tot het Friese paard, bestaat er geen oud inlands “Belgisch warmbloedras”.
Het stamboek kwam voort uit een behoefte aan geschikte sportpaarden voor de ruiters die deelnamen aan de wedstrijden van de Landelijke Ruiterij (op vandaag gekend als LRV).
Tot in 1954 werden de wedstrijden gereden met gewone trekpaarden omdat het in België tot dan verboden was om landbouwrijpaarden te veredelen tot rijpaarden. Na de opheffing van dat verbod werd de weg vrijgemaakt voor een veelzijdig recreatiepaard. De naam 'landbouwrijpaard' verdween en werd vervangen door 'Belgisch Warmbloed Paard'.
Gezien er binnen het Belgisch warmbloedpaard geen voorouders waren met specifieke raskenmerken, moeste de fokkers van nul beginnen. Er werd dan ook over heel Europa en bij andere stamboeken gezocht naar het allerbeste genetische materiaal om te komen tot een superieur sportpaard. Enkele van de bij het ruime Belgische publiek bekende hengsten zijn o.m. Darco, Emerald van het Ruytershof, Ermitage Kalone, …
We werken in de fokkerij met fokmerries die via hun moederlijk direct verwant zijn met springpaarden die uitzonderlijke resultaten hebben behaald in de topsport.
Door een kwaliteitsvolle moederlijn te combineren met hengsten die het in de springsport zeer goed doen en van wie ook de nakomelingen veelbelovend zijn.
Onze oudste fokproducten worden in 2027 drie jaar. We zijn uitermate benieuwd hoe ze het bij hun nieuwe eigenaars zullen doen in de springsport.